klik op de foto voor de originele weergave

Kenmerken:

De graszanger is een schuwe vogel die zich meestal verborgen houdt in dichte vegetatie. Hij is slechts 10-11 centimeter groot en heeft een korte, afgeronde staart. De bovendelen en kruin zijn bruin tot roestbruin met zeer donkere strepen, de stuit roestbruin, de buitenste staartpennen hebben zwart-witte toppen. De onderzijde is geelachtig. De zang is een tsip tsip tsip, dat hij roept terwijl hij met golvende bewegingen over zijn broedgebied vliegt.

Biotoop:

De graszanger leeft in grasachtige gebieden, vaak nabij water of moerassen. De graszanger legt 4-6 witte eieren met roodbruine vlekken in een buidelvormig nest dat zich op max. 1 meter hoogte bevindt in dichte vegetatie. Als eerste bouwt het mannetje enkele nesten, waaruit het vrouwtje een keuze maakt. De eieren worden van april tot juli gelegd. Meestal wordt twee keer gebroed. De jongen verlaten na ongeveer 10 dagen het nest en worden hierna nog ongeveer 2 weken door de ouders gevoed.

Voorkomen:

Hij komt voor in Zuid-Europa, Noord-Afrika en in zuid-Azië tot aan Noord-Australië in moerassen, vochtige graslanden, maar ook in korenvelden en op steppen. Dit zangvogeltje is geen trekvogel, maar blijft het hele jaar in hetzelfde gebied. In gebieden met strenge winters overleeft de vogel niet lang.

Voedsel:

Zijn voedsel bestaat voornamelijk uit insecten.

Wetenschappelijk

Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Aves (Vogels)
Orde: Passeriformes (Zangvogels)
Familie: Cisticolidae
Geslacht: Cisticola
Soort: Cisticola juncidis

Ondersoorten

C.j. cisticola: westelijk Frankrijk, het Iberisch Schiereiland, de Balearen en noordwestelijk Afrika.
C.j. juncidis: van zuidelijk Frankrijk tot Turkije en Syrië, ook Egypte en de grote mediterrane eilanden.
C.j. uropygialis: van Senegal en Gambia tot Ethiopië, Rwanda, Tanzania en Nigeria.
C.j. terrestris: van Gabon en Congo-Brazzaville tot zuidelijk Tanzania en zuidelijk tot Zuid-Afrika.
C.j. neuroticus: Cyprus, Libanon en Israël tot westelijk Iran.
C.j. cursitans: van oostelijk Afghanistan tot noordelijk Myanmar en zuidelijk China, zuidelijk naar zuidoostelijk India en de droge laaglanden van Sri Lanka.
C.j. salimalii: zuidwestelijk India.
C.j. omalurus: Sri Lanka (behalve de droge laaglanden).
C.j. brunniceps: zuidelijk Korea, Japan en Batan.
C.j. tinnabulans: van zuidoostelijk China en Taiwan tot Thailand, Indochina en de Filipijnen (behalve Batan en Palawan).
C.j. nigrostriatus: Palawan.
C.j. malaya: de Nicobaren, zuidoostelijk Myanmar, zuidwestelijk Thailand, Malakka en de Grote Soenda-eilanden.
C.j. fuscicapilla: oostelijk Java, de Kangean-eilanden en de Kleine Soenda-eilanden.
C.j. constans: Celebes en de nabijgelegen eilanden.
C.j. leanyeri: het noordelijke deel van Centraal-Australië.
C.j. normani: van noordwestelijk Queensland tot noordoostelijk Australië.
C.j. laveryi: noordoostelijk Australië en zuidelijk Nieuw-Guinea.

Onderwerpen #(Ευρωπαϊκή) Κιστικόλη #Beccamoschino #brškinka #Carriza dos xuncos #Chwastówka zwyczajna #Cistensänger #Cisticola #Cistícola Buitrón #Cisticole des joncs #Cisticolidae #cistovník rákosníkový #Cistussanger #Fuinha-dos-juncos #Grässångare #Graszanger #Hálmsöngvari #heinäkerttu #Landeryklopkloppie #Marokko 2010 #Passeriformes #rohulind #Širokorepi cvrcic #Šivalica #Skėstauodegė cistikola #Szuharbújó #Trist #Yelpazekuyruk #Zāļu platastīte #zangvogel #Zangvogels #Zitting Cisticola #Золотистая цистикола #Пъстроопашато шаварче #תפר #سسک دم‌چتری #هازجة مروحية الذنب #นกยอดข้าวหางแพนลาย #セッカ #棕扇尾莺